Solo. Ria van Eyk: Reminiscenties

5 mei t/m 16 juni

 

Op donderdag 23 mei geeft de vermaarde fluitist Mark Alban Lotz, een soloconcert in KuuB. Hij zal zeker ook variaties spelen op het werk van Ria van Eyk. Voor meer informatie over dit concert en om te reserveren, klik hier.

 


 

Ria van Eyk  (1938) volgde in 1955-1959 haar opleiding aan de afdeling textielvormgeving van de Academie voor Industriële Vormgeving in Eindhoven en onmiddellijk daarna ondernam ze een reis naar Denemarken waar ze een jaar lang werkte in een textielzeefdrukkerij om praktijkervaring op te doen. Vervolgens ging ze een paar maanden naar IJsland. Van dat noordelijke eiland en het wonderbaarlijke licht is ze nooit meer losgekomen.

 

Haar eerste solo tentoonstelling had ze in 1965 in de Werkkunstschule te Krefeld waar ze toen ook docent was. Vele solo- en groepstentoonstellingen volgden, zoals nu haar deelname aan de expositie Vrijheid in Museum de Fundatie te Zwolle, een door Hans den Hartog Jager samengestelde tentoonstelling waarin hij op persoonlijke titel de vijftig Nederlandse kernkunstwerken van de afgelopen vijftig jaar toont. Van Ria van Eyk is daar My Woven Diary uit 1976-1977 te zien. In negen verticale geweven banen gaf zij haar dagelijkse arbeid in kleur weer, van woensdag 1 september 1976 t/m dinsdag 31 mei 1977.

 

In 2006 verscheen bij SUN (Amsterdam) het prachtig vormgegeven en gedocumenteerde boek Ria van Eyk leven en werken, met o.a. een beschrijving van het in 1998 gerealiseerde bijna 600 vierkante meter grote sterrenhemeltapijt voor de Burgerzaal van het Paleis op de Dam.

 

Ria van Eyk is met name bekend als kunstenaar die de vernieuwing in de textielkunst van de jaren zestig en zeventig mede bepaalde. Veel minder bekend is dat zij ook schildert, bijvoorbeeld een serie schilderijen Reminiscenties aan Siena van acrylverf en bladgoud op doek of haar werken in gemengde techniek van vulkaanaarde en impressies van mos uit IJsland. Haar IJslandboeken zijn van een ongekende eenvoud en complexiteit tegelijkertijd. In KuuB wordt nu eigenlijk voor het eerst een selectie van deze weken – schilderijen, tekeningen en collages – getoond. Daarbij gaat het vooral om licht, kleur, materiaal en eenvoud, uitmondend in helderheid van compositie. Het seriematige van het in KuuB getoonde werk, prikkelt tot verstilde aandacht en beschouwing. We kijken naar het verleden van de rijke Europese cultuurgeschiedenis zoals die van de Italiaanse renaissance en naar de natuur van het binnenaardse op IJsland. In algemene zin stralen deze werken sacraliteit en mystiek uit.’Ja’, zoals zij zelf zei ‘ hier raak ik iets waar de franje weg is.’

 

Reminiscenties betekenen in dit verband veel meer dan toevallige herinneringen. Het heeft met cruciale momenten in het leven te maken die een draai hebben gegeven aan de wijze waarop de wereld en de eigen positie  daarin, opnieuw wordt ervaren. Dus niet enkel wat in het verleden ligt, maar hoe ervaringen vorm geven aan een creatief proces van nu, in een onvoltooid verleden tijd. Ria van Eyk gaat daarbij terug tot de essentie van wat kunstenaars bewogen heeft en nog steeds beweegt om kunst te maken, om het ‘onstoffelijke in het stoffelijke om te zetten.’ Het omgekeerde is evenzeer het geval. En om harmonie te zoeken in een chaotische wereld.

 

Tijdens de expositie zal de film worden gedraaid die in 2014 is gemaakt naar aanleiding van de uitreiking van de Beeldende Kunstprijs van het Prins Bernard Cultuurfonds Noord-Brabant aan Ria van Eyk.

 

 

Hierbij een verkorte weergave van de openingstoespraak van Jaap Röell:

 

Geachte dames en heren,

 

In 2014 ontving Ria van Eyk de Prins Bernhard Cultuurprijs Afdeling Noord-Brabant. Deze uitreiking vond plaats in het Museum De Pont. Daarvan is een video gemaakt. Deze wordt hier getoond tijdens de tentoonstelling en staat ook op de website van KuuB. Natuurlijk is ook werk van Ria in De Pont getoond.

 

Volgens de samensteller van de expositie Vijftig Nederlandse Kernkunstwerken vanaf 1968 in Museum de Fundatie, Hans den Hartog Jager, behoort My Woven Diary tot een van die Nederlandse kernkunstwerken. In My Woven Diary  zien we negen verticale banen van horizontale geweven kleuren, de dagen van de maand weergevend, negen maanden van 1 september 1976 t/m 31 mei 1977. De zon- en andere vrije dagen zijn wit. Een document over het verloop van tijd, een poging  kleur en tijd te combineren. Een tijdloos document over werk en tijd.

 

De eerste grote groepstentoonstelling waar Ria aan deelnam was Atelier 8, winter 1971 in het Stedelijk Museum, met elf andere jonge kunstenaars: Lovely Weave no. 1118, met zwart en wit gevlochten pvc-materiaal. Een  vierkanten heldere structuur, gevat in een grid met geometrisch aandoende vormen.

 

Ria van Eyk, te zien geweest in Museum De Pont, Museum de Fundatie, het Stedelijk en nu in galerie KuuB, 2019, met een selectie van tekeningen, aquarellen, collages en schilderijen.

 

 Het maakt niet uit, wat, waar en wanneer zij iets gemaakt heeft. Steeds wordt er geput uit dezelfde emmer met herinneringen die veelal teruggaan tot haar eerste verblijf op IJsland, zomer 1960. Dat aardse eiland dat vele malen groter is dan haar omtrek door de toevoeging van het onderaardse, de vloeibare aarde, vulkaanaarde. Zie haar composities Alaska lupine van wat uit de tube van de aarde voortkomt.   

 

Dat putten uit de emmer van herinnerringen maakt de emmer niet leger. Deze wordt steeds weer bijgevuld. Hier doet zich het wonder van de zichzelf vullende emmer voor.

 

Als zij er iets uithaalt om te gebruiken, als inspiratie voor een werk, wordt die herinnering omgezet in iets nieuws, een nieuwe herinnering en dat vult de emmer weer, in een eindeloze cyclus, zolang het leven het toelaat. Herinneringen worden gebruikt en gebruikte herinneringen worden reminiscenties. Daarmee wordt datering van het werk irrelevant. Bij elk werk zou kunnen worden gezet; 1953 (Boomtekening) – 2019. Het meest recente werk dat hier hangt is van 2019, maar heeft als datering 1956 – 2019, aquarel en collage. De tijd is bij Ria geen rechte lijn maar een hond die in zijn eigen  staart bijt.

 

Tijdens het atelierbezoek is de keuze voor het werk teruggebracht tot drie titels:

  • Reminiscenties aan Siena,
  • IJsland, de serie Mosimpressies en de serie Alaska Lupine,
  • foto- en aquarel collages, ook van IJsland.

Bij alle drie titels gaat het om ordening, repetitie en vat proberen te krijgen op de chaos. Daarmee vertegenwoordigen deze werken een algemeen menselijk streven om te begrijpen, te kennen, te zoeken, te herhalen en vervolgens te variëren. Daarom gebruikt Ria zo vaak een grid als houvast waarbinnen kleur en vorm helderheid bieden. Haar werken zijn constructivistisch van aard, zonder ooit saai of voorspelbaar te worden. 

 

Neem het bladgoud uit de Siena-serie. Dat kan op twee manieren worden geïnterpreteerd:

  • als aanduiding van het profane, het platte materialisme, de Rolex-sfeer, het poenerige, het clichématige,
  • maar ook als het goddelijke, de twijfel en het zoekende, de stilte en de concentratie. Het illuminisme en daarmee ook het niet-begrijpende. Daar is het bladgoud, voor Ria van Eyk, het symbool van. Er zit kleur achter en het straalt kleur uit. Het transformeert het aanraakbare tot het ongrijpbare licht.

 

Die dubbelheid van materie en non-materie karakteriseert voor mij het werk van Ria van Eyk. In al haar ambitie om te begrijpen. 

 

Alhier te zien, t/m 16 juni