Vijf plus één

Johan Claassen, Wim Claessen, Vincent Hamel, Bart Kelholt, Warffemius én Dorien Melis

7 november t/m 23 december 2021

Johan Claassen

Eerder schreef ik over het werk van Claassen: ‘Authenciteit, bezieling, mystiek, grote woorden
die zonder enig probleem van toepassing zijn op het beeldend werk van Johan Claassen
(1943). Dat komt, denk ik, omdat hij niet over het materiaal heerst als een “macher”, maar
het gevonden toeval een handje helpt. Hij ontpelt, omwikkelt, decoupeert, schroeft
verbeelding aan elkaar of maakt vrij. Hij is één van de weinige kunstenaars wier
droomwereld ook in wakkere toestand blijft bestaan waardoor hij ontvankelijk is voor het
toevallige, het absurde en het ongerijmde.’ Op deze expositie wordt een reeks van zijn
houten objecten met acrylverf getoond. Beelden welke doordesemt zijn met humor om de
melancholie en onbestemde treurigheid draaglijk te maken.

Wim Claessen

Zijn schilderijen gaan over verstilde mystiek. Met dunne, bijna transparante verflagen
dompelt hij zijn landschappen in een melkachtig noordelijk licht, onbestemd, een beetje
unheimisch. Hij laat weg wat afleidt of voegt juist iets toe, een verlaten benzinepomp of
boothuisje bijvoorbeeld, dat accent geeft aan het verlatene, aan dat wat eens was.
Er is veel water in zijn schilderijen. Niet door stormen geteisterd water, maar koel water,
ietwat afstandelijk water. Niet iets om jubelend in te gaan pootje baden. Hij schildert als
een sobere, kale verteller en laat aan de beschouwer over wat er tussen de regels staat.

Vincent Hamel

is de meester van het vlak, monochroom op het eerste gezicht, tintelend bij nadere
beschouwing. Een van zijn schilderijen heeft aks titel ‘A quiet place’. Je zou kunnen denken
dat dit een toepasselijke titel is voor meer van zijn werken, maar schijn bedriegt: zijn werken
op doek en paneel zijn uiterst gestructureerd, niet als een grit of mathematisch maar
doorleeft en bergachtig. De jaren van lief en leed zijn er in opgeslagen. Monochrome werken
die voldoende houvast bieden om je aan op te trekken. Op het grensvlak van chaos en rust gebeurt het. ‘Zo tracht ik’, zoals hij zelf schreef, ‘mijn werk een
weerspiegeling te laten zijn van de betrekkelijkheid van het bestaan en de dingen die daarin
onveranderlijk blijven, zoals een windstil graslandje bijvoorbeeld, dat zich niets aantrekt van de toestanden in de wereld en rustig blijft voorbestaan.’

Bart Kelholt

Hoe bescheiden van formaat ook, vaak nauwelijks groter dan een flinke klinker, hebben de
bronzen (muur)objecten van Bart Kelholt (1946) een monumentale allure. Kenmerkend voor
Kelholts objecten is de minimalistische vorm daarvan. Ze zijn eenvoudig en gecompliceerd
tegelijkertijd: wat is binnen, wat buiten en wat verbergt het object, als dat al het geval is?
Ze worden terecht vaak aangeduid als aards, doorleefd, krachtig, hoekig en autonoom.
En dan dat patine van de beelden, alsof het archeologische vondsten zijn uit een tijd van
een nog onbekende architecturale cultuur. Deze beelden hebben verhalen.

Warffemius

‘Onbotten’ is een werkwoord, dat elk voorjaar aanschouwt kan worden. Het wonder van de
fase van nieuw bomen- en plantenleven. ‘Ontbotte’ kunst is een toestand waar een lang
proces van groeiend vakmanschap, inspiratie, experiment en het vinden van een eigen weg
aan vooraf is gegaan. Dat is het geval bij het werk van Warffemius. Zijn beeldend werk heeft
de fase van verrukking bereikt. Het past en is in balans, in harmonie. Dat wil natuurlijk niet
zeggen dat het water stil staat, integendeel. Onbotten blijft een werkwoord, maar de
wortels, ook al zie je die niet afgebeeld op het werk van Warffemius, zijn onverminderd sterk
en zij dragen elke zwier die de kunstenaar in waterige acrylverf op doek of papier aan zijn
takken, stengels en bladeren geeft. Zijn werk komt uit de grond vol schimmels en zwammen
en reikt naar het licht, zoals ook zijn open beelden van staal dat doen,

én

Dorien Melis

‘Minimal music-achtig visueel gedicht’, zoals Johan Claassen over haar werk heeft gezegd.
Wat valt daar aan toe te voegen? Dorien Melis (1938-2021) maakte op doek of paneel
overwegend kleine schilderijen, welke herinneringen verbeelden door lijnen te trekken langs
iets grotere vormen. Die herinneringen hebben vast iets te maken met spiegelingen in het
water, horizonten in de avondschemering of zoiets als de koele stralen van de ochtendzon
die door lichte gordijnen de slaapkamer binnen komen waaien. Haar werken hebben titels als ‘Waterleven’,
‘Kleine cantate’, ‘Nachtlied’ en ‘Tussen de regels’. Schilderijen welke het kwetsbare
weergeven dat in beschermende handen wordt genomen. Minimal music-achtige visuele
gedichten.

Bekijk hieronder een serie kunstwerken.
Klik op de foto voor een diavoorstelling op maximaal formaat.
Navigeer vervolgens met de pijlen.
© KuuB

BACK